Het aandeel melkveebedrijven waar de koeien buiten lopen, is in het onlangs beëindigde weideseizoen net als vorig jaar licht toegenomen. Mede doordat er meer dan 300 melkveehouders in 2016 overschakelden naar weidegang. 78,9 procent van de melkveebedrijven paste in 2016 een vorm van weidegang toe. Dat is 0,6 procent meer dan in het vorige weideseizoen. Ondanks deze ontwikkeling heeft de Tweede Kamer gestemd voor een verplichte weidegang.

Wanneer deze verplichting daadwerkelijk ingevoerd gaat worden is het maar de vraag of de meerkosten van weidegang daadwerkelijk uit de markt gehaald kan worden. Door de toeslag op weidegang worden melkveehouders gestimuleerd hun koeien (deels) te weiden. Bij een verplichting wordt de keuze voor de consument beperkt, met als gevolg dat de zuivelprijzen weer nivelleren. Een zelfde werking is ook waargenomen in de pluimveehouderij bij het verbieden van kooi-eieren. Het onderscheid met scharreleieren is er niet meer, waardoor de gemiddelde prijs van scharreleieren lager is geworden.

De toename van weidegang is voor een belangrijk deel te danken aan het aantal melkveebedrijven dat voor het eerst is gaan weiden. Op meer dan 300 melkveebedrijven besloten veehouders de koeien weer buiten te laten lopen, terwijl zij eerder de koeien het hele jaar door op stal hielden. De toename van het aantal nieuwe weiders is een gevolg van de acties die partijen in de zuivelketen ondernemen om weidegang in de melkveehouderij te stimuleren. Zo keren zuivelondernemingen een premie uit aan veehouders die hun koeien buiten laten lopen en brengen zij meer producten van weidemelk op de markt. Zuivelondernemingen hebben de weg ingeslagen om het verschil tussen weidegang en opstallen nog meer te vergroten. Wellicht is het beter om eerst dit pad te bewandelen alvorens weidegang te verplichten.

Verantwoording
De Duurzame Zuivelketen (samenwerkingsverband tussen de Nederlandse Zuivel Organisatie en LTO Nederland) drukt het niveau van weidegang uit in het percentage melkveebedrijven dat een vorm van weidegang toepast (volledige weidegang of deelweidegang). Dat percentage wordt vastgesteld door ZuivelNL, de ketenorganisatie in de zuivelsector, aan de hand van geborgde gegevens van veertien individuele zuivelondernemingen, die de melk verwerken van de melkveebedrijven in Nederland. Deze zuivelondernemingen hebben zich verbonden aan het Convenant Weidegang; zij verwerken ruim 98 procent van alle melk in Nederland. De Duurzame Zuivelketen publiceert het weidegangcijfer jaarlijks in december over het afgelopen weideseizoen.
Het Centraal Bureau voor de Statistiek stelt het niveau van weidegang vast op basis van de Landbouwtelling, een enquête die het CBS in samenwerking met de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland jaarlijks uitvoert onder alle agrarische ondernemers in Nederland. Alle agrarische ondernemers in Nederland zijn verplicht om deze in te vullen.